
"De deklagen die wij maken zijn optische illusies"
Wat zorgt ervoor dat de bestrating een creatieve vertaling is van de visie van de architect en toegevoegde waarde heeft voor het landschapsontwerp?
Productontwikkelaar Robin Ponsen vertelt hoe het kwaliteitsteam van de productielocatie in Tiel een werkwijze heeft ontwikkeld voor het samenstellen van deklagen die nabehandeld worden door bewerkingen als wassen, borstelen, slijpen en kogelstralen.
Robin Ponsen: “In onze visie is een deklaag een leeg canvas dat je steeds verder moeten invullen. Het begint met de ondertoon, dat bepaald wordt door het cement. Hiervoor hebben we drie opties: een witte cement, een grijs portlandcement of een combinatie van deze twee. Een milieuvriendelijker hoogovencement is niet geschikt voor een nabewerking als slijpen, omdat deze een blauwe zweem krijgt dat niet meer weggaat. We kunnen echter wel een cementvrij onderbeton combineren met onze deklagen waardoor er per saldo een veel lagere milieu-impact is."
"Als we de deklaag verder gaan invullen, maken we gebruik van fijnere fracties zand en natuursteengranulaat. Deze geven bij nabewerkingen een mooi dicht resultaat. Wat we na gesprekken met architecten doen is een combinatie van deze fracties los door elkaar mixen, vervolgens deze op een schoteltje leggen om te zien of het elkaar goed complementeert en of we met varianten kunnen spelen in wisselende verhoudingen. Zo ontstaan ook kleurfamilies die goed bij elkaar passen en die eventueel gecombineerd kunnen worden in een mixbestrating. Vervolgens maken we prototypes door handmatig gemaakte betonplakjes na te bewerken en deze gaan we zo nodig verder verfijnen door te kijken wat er op microscopisch niveau gebeurt."


Beperkingen van materialen
"Er zijn wel wat beperkingen als je een deklaag samenstelt. Zo kijken we altijd goed naar de verhouding van materialen in hardheid uitgedrukt in Mohs, waar 1 = gips is en 11 = diamant. Materialen die we nog kunnen slijpen mogen niet harder dan 7 zijn en voor zachtere materialen ligt een ondergrens bij 4. Daar moet je dan altijd voldoende harde materialen tegenover zetten om voldoende stroefheid in de deklaag te houden na het slijpen (USRV > 50), maar ook om de afslijtingsweerstand van de NEN-EN 1338 te behalen. Soms is het resultaat, van inkleuren met fijne natuursteen granulaat niet wat je zoekt. Dan kunnen we nog altijd inkleuren met geoxideerde kleurpigmenten. Hiermee creëer je een grotere ontwerpvrijheid en kun je de ondertoon optimaliseren."
"Het mooie van dit werk is, dat we als kwaliteitsteam met materialen mogen werken die op microscopisch niveau heel anders lijken te zijn dan in onze macro werkelijkheid. Een Odewald graniet dat een stollingsgesteente is, heeft naast overwegend grijze kleuren ook spikkels geel, rood en zwart. Dit zijn in feite ook oxides, metaalachtige verbindingen in het gesteente. Eigenlijk zou je kunnen zeggen dat de deklagen die we maken optische illusies zijn, waarmee we de bestrating in een ontwerp echt laten spreken. Materialen kunnen ook gaandeweg veranderen of er komen hele nieuwe materialen binnen via onze leveranciers."
"Zo leer je eigenlijk steeds nieuwe dingen die je kan gebruiken om een klantwens zo goed mogelijk in te vullen en luxe bestrating op maat te ontwikkelen voor toonaangevende projecten in Nederland, België en Engeland, zoals bijvoorbeeld het pas opgeleverde Everton-stadion in Liverpool. Daar is iedereen in de fabriek Tiel - het moet ook nog op grote schaal gemaakt en geleverd worden – ontzettend trots op."
Wilt u ook starten met een leeg canvas voor uw project?

